- lijn
- {{lijn}}{{/term}}1 [touw] line ⇒ rope, 〈met betrekking tot hond〉 leash2 [wiskunde] line3 [groef] line ⇒ crease4 [omtrek] (out)line, contour5 [linie] line ⇒ rank6 [verkeer, communicatiemedia] line ⇒ 〈verkeer〉 route7 [potlood/krijtstreep] line8 [figuurlijk] [weg] line ⇒ course, trend9 [genealogie] (blood)line ⇒ lineage♦voorbeelden:1 een hond aan de lijn houden • keep a dog on the leash2 in rechte lijn (gemeten) • in a straight/direct line, as the crow fliesop één lijn met 〈ook figuurlijk〉 • in line with〈figuurlijk〉 daar zit geen lijn in • it's a jumble (of facts)3 de scherpe lijnen om de neus • the deep lines around the nose4 iets in grote lijnen aangeven • sketch something in broad outlinesin grote lijnen • broadly speaking, on the wholeaan de (slanke) lijn doen • be on a dietin grote lijnen begrijpen wat er gezegd wordt • get the gist of what is being said5 op één lijn stellen met • put on a par with〈figuurlijk〉 op dezelfde/op één lijn zitten • be on the same wavelength〈figuurlijk〉 op één lijn brengen • align, bring into line〈figuurlijk〉 op één lijn staan (met), zich op één lijn bevinden (met) • be in agreement (with)6 de lijn Haarlem-Amsterdam • the Haarlem-Amsterdam linealleen op binnenlandse lijnen vliegen • fly only domestic routesdie lijn bestaat niet meer • that service/route no longer existsblijft u even aan de lijn a.u.b. • hold the line, pleaseik heb je moeder aan de lijn • your mother is on the line/phonelijn 15 • number 157 lijnen trekken/krassen (op) • draw/scratch lines (on)de bal ging over de lijn • the ball crossed the line8 de grote lijnen uit het oog verliezen • lose oneself in detailseen harde lijn • a hard linede resultaten bewegen zich in opgaande lijn • the results show an upward trendin opgaande lijn • (going) in the right directioneen andere lijn (gaan) volgen • pursue a different coursedat ligt in zijn lijn • 〈ongunstig〉 that's just the sort of thing he'd do; 〈gunstig〉 that's right up his street9 in een rechte lijn van iemand afstammen • be a direct descendant from someone¶ iemand aan het lijntje houden • keep someone danglingzij trekken één lijn • they adopt one single view
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels. 2015.